woensdag 3 maart 2010
Hoe is het met?
Sommige voetbalcarrières verlopen op een hele bijzondere manier. Neem die van Paul Mason. Begonnen als werkloze Engelsman bij VVK in Groningen, won hij later met Aberdeen de Scottish Cup en speelde hij met Ipswich Town in alle grote stadions van zijn eigen Engeland.
Het voetbalsprookje van Mason begon opvallenderwijs in Delfzijl. Mason verliet als achttienjarige zijn ouderlijk huis in Liverpool om in Delfzijl te gaan werken. Erg succesvol was dat niet want hij verloor al snel zijn baan. Terwijl hij door de week druk zoekende was naar nieuw werk, voetbalde hij in het weekend voor het stad-Groninger VVK. Daar werd hij ontdekt door Piet Fransen. Het was het begin van een prachtige carrière.
Galway United“Henk Nienhuis nodigde mij uit om naar FC Groningen te komen,” herinnert Mason zich. “Ik speelde het eerste seizoen in het tweede en daarna vier jaar in het eerste elftal.” Mason was in die vier seizoenen niet weg te denken als kleine maar uiterst behendige rechtsback van de groen-witten. “Het was een hele mooie tijd. We speelden voetbal in een Engelse stijl.” Het leverde Mason in 1986 zijn Europa-Cup debuut op tegen het Ierse Galway United. “We wonnen met 5-1. Ik scoorde één van de vijf doelpunten in het Oosterpark”
Scoren deed Mason vaker voor FC Groningen als rechtsback. Zijn laatste goal was tijdens de beslissende play-off wedstrijd in 1988 tegen FC Twente. “Dat was een lucky. Ik kreeg de bal tegen mijn kin. Maar we haalden zo wel Europees voetbal, terwijl we dat seizoen helemaal niet goed hadden gespeeld. Voor de fans was dat natuurlijk fantastisch.” Mason was één van de weinige FC spelers die dat seizoen wel regelmatig een goed niveau haalde. Heel stiekem dacht hij dan ook aan een mogelijkheid van een transfer.
A good move
Het werd uiteindelijk Schotland. Aberdeen manager Alex Smith zat op de tribune tijdens de laatste wedstrijd van het seizoen tegen FC Twente. Smith was in Diekman om keeper Theo Snelders te bekijken. Snelders keepte echter niet, waarna voetbalmakelaar Ton van Dalen Smith op Paul Mason wees. “Dat was ‘a good move’. Ik had altijd al de ambitie om ooit in Groot-Brittannië te voetballen. Die kans kreeg ik toen.” Snelders ging uiteindelijk ook mee naar Schotland, waar zelfs sprake was van een Nederlandse enclave met verder Hans Gillhaus, Peter van der Ven en de stad-Groninger Willem van der Ark. “Hoe is het met Willem,” vraagt Mason meteen. “Ik weet dat hij een aantal modezaken had in Leeuwarden. Maar ik heb al een tijdje niets van hem gehoord.”
Het contact met oud-teamgenoten is sowieso flink verwaterd. “Twee jaar geleden ben ik nog in Groningen geweest op uitnodiging van Joop Gall. ‘Jopie’ had kaarten geregeld voor een wedstrijd van FC Groningen, nog in het Oosterpark. Joop doet het goed bij Veendam hè? Ik zag toen al wel dat hij goede trainingen gaf. Players respect him.” Respect is er ook voor de loopbaan van Mason. Met Aberdeen won hij in 1990 in een bomvol Hampden Park de Scottisch-Cup met bekende spelers als spits Charlie Nicholas en verdediger Alex McLeish, de huidige succesvolle bondscoach van Schotland. “De medailles heb ik nog. Die bewaar ik heel goed, haha”
Southport
In 1992 ging een langverwachte droom van Mason in vervulling. Ipswich Town nam Mason over van Aberdeen, waarna Mason de kans kreeg om zijn eigen Engeland te mogen voetballen. “Dat was prachtig. Ik heb op alle bekende ‘grounds’ gespeeld. Nu ik niet meer voetbal, besef ik wat ik heb meegemaakt.” Mason runt nu een klein hotel in Southport, niet ver van Liverpool. “Ik wil zeker weer een keer naar Groningen komen. Maar dat roep ik elk jaar, haha. In november en december is het hier rustig, dan kan ik mijn eigen tijd invullen. Weet je wat leuk is? Ik kreeg gisteravond een sms van mijn zoon. Hij studeert in Londen en heeft een vriendin uit Groningen op bezoek. Toevallig niet? Hij vroeg mij wat frikandellen en kroketten zijn. Ik zei al: bewaar er maar een paar voor mij, haha.”
Gary Brooke: ‘Ik wilde niet meer weg uit Groningen’
Vanaf 1987 tot halfweg 1988 was de rechterkant van FC Groningen bijna geheel Engels. Paul Mason stond rechts achterin, Gary Brooke was de rechtsbuiten. Kent u ‘m nog? De gedrongen aanvaller met de rappe benen en de scherpe voorzet die in december 1986 plotseling overkwam van Norwich City?
‘Not too bad,’ antwoordt Gary Brooke als we hem vragen hoe het nu met hem gaat. De net 49-jarige Brooke is tegenwoordig voetbalcoach op verschillende scholen in Londen. Daarnaast houdt hij voor de Professional Footballers Association and the Press Association alle feiten van wedstrijden bij zoals het aantal hoekschoppen, overtredingen etc. Brooke geniet er nog steeds met volle teugen van. “Zaterdag ga ik naar de wedstrijd van Leyton Oriënt. En laatst was ik bij Tottenham Hotspur-Liverpool. Ik zie het niet als werk. Ik mag voetbalwedstrijden bekijken zonder ervoor te hoeven betalen. Heerlijk toch?”
UEFA-Cup
Brooke is een kind van Tottenham Hotspur. Hij speelde begin jaren tachtig 73 wedstrijden voor de Spurs, waaronder drie keer als invaller in de FA-Cup finale. Daarnaast maakte hij deel uit van de selectie van de ploeg die in 1984 de UEFA-Cup won. “Ik speelde niet in de finale, maar heb wel een medaille gekregen.” Via Norwich City kwam Brooke eind 1986 bij FC Groningen terecht. “Ik had een geweldige tijd in Groningen, wilde er ook niet meer weg. Maar mijn vrouw en ik kregen ons eerste kind en mijn vrouw wilde per se weer terug naar Engeland. Jammer want we hadden ons gekwalificeerd voor Europees voetbal, daar had ik graag aan meegedaan.”
Frans Thijssen
Brooke is nog altijd goed op de hoogte van de verrichtingen van de FC. “Tottenham Hotspur en FC Groningen zijn altijd mijn clubs gebleven. Het zijn de enige clubs waar ik altijd de resultaten van opzoek. FC Groningen staat nu derde in de league, toch? Ja, geweldig. Ik ben helaas nooit meer terug geweest in Groningen. Dat zou ik toch een keer moeten doen. Ik krijg nog wel elke jaar kerstkaarten van oud-ploeggenoten. Zo stuurt Frans Thijssen nog elk jaar een kaartje. Hij werkt nu in Dubai. Was trouwens een geweldige voetballer, Frans Thijssen.”
Linkerlong
Na zijn terugkeer voetbalde Brooke nog bijna drie jaar op het hoogste niveau. Toen moest hij stoppen omdat het fysiek niet meer ging. “Dat was in maart 1991. Ik voetbalde toen bij Wimbledon. Jammer, de medische staf van Wimbledon was niet zo goed als die van FC Groningen. Bert Koning en Henk Hagenauw wisten mijn knie voor elke wedstrijd namelijk zo te behandelen dat ik zonder pijn kon spelen.” Brooke werd als voetballer niet alleen gehinderd door knieklachten, hij had ook last van een niet goed functionerende linkerlong.
“Dat was het gevolg van een auto-ongeluk in 1983. Daarom was het ook prettig om in Nederland te voetballen omdat het er niet zo fysiek aan toe ging als in Engeland. Martin Koeman zei ook altijd dat ik niet hoefde te verdedigen. Dat was voor Paul Mason. Ik hoefde me alleen maar met de aanval bezig te houden.”
‘Charity’
Eenmaal terug in Engeland ging het fysiek dus snel bergafwaarts en was het niet meer te doen om op het hoogste niveau te spelen. Maar nu ruim zeventien jaar later blijkt Brooke nog steeds actief te voetballen. “Ik speel nog met het Tottenham veteranenteam. We spelen zo’n tien wedstrijden per jaar voor ‘charity.’ Het wordt wel steeds zwaarder. Wij worden alleen maar ouder terwijl de tegenstanders steeds jonger worden, haha. Maar we doen het nog graag, zo verzamelen we veel geld voor het goede doel.”
Mart van Duren: ‘Bij FC Groningen viel ik met de kont in de boter’
In de periode dat Milko Djurovski en Hennie Meijer bij FC Groningen opvielen met hun vaak weergaloze acties had FC Groningen nog een opvallende speler in de gelederen: Mart van Duren. De van oorsprong aanvaller speelde onder trainer Hans Westerhof aan de rechterkant van het middenveld en zorgde zo voor de succesvolle aanvoer naar de spitsen Djurovski en Meijer.
Mart van Duren speelde tussen 1990 en 1994 bij FC Groningen. “Henk Nienhuis haalde mij destijds naar Groningen,” herinnert Van Duren zich nog. “Nienhuis was toen algemeen directeur. Ik was bij FC Den Bosch net derde geworden op de topscorerslijst. Mijn contract in Den Bosch liep af en FC Groningen leek mij de beste optie. De periode Renze de Vries was net afgesloten, de weg naar boven weer ingezet.”
Sterk middenveld
Van Duren viel bij FC Groningen niet op door zijn scorend vermogen. In 90 eredivisieduels maakte hij ‘maar’ zestien doelpunten. “Ik scoorde inderdaad niet veel. Omdat we met Meijer en Djurovski twee goede spitsen hadden stond ik vooral rechts op het middenveld. Ik moest meer voorbereiden, dat was wel even wennen. Maar ik vond het niet erg hoor. We hadden een sterk middenveld met verder ook Harris Huizingh, Jos Roossien, Jan van Dijk en Edwin Olde Riekerink.”
In het Oosterparkstadion werd regelmatig ‘Martha. Martha’ van de tribunes geroepen als Van Duren in balbezit was. Waar kwam die bijnaam vandaan? “Ik kreeg die naam in Den Bosch. Dat was rond 1986, 1987. Iedereen had toen lang haar. Je weet wel, van die matjes in de nek. Bij Den Bosch liepen er veel jongens met lang haar rond: René van Eck, Fred van der Hoorn en ikzelf. Zo is dat ontstaan.” Van Duren nam de bijnaam mee naar Groningen; het was een periode waar hij nog graag aan terugdenkt. “Het publiek was fantastisch, het was altijd uitverkocht. De sfeer in het Oosterparkstadion was altijd zeer goed. Toen had je nog veel jongens uit de regio, Djurovski en Zygmantovitsj waren de enige buitenlanders. En Van Duren, Meijer en Lodewijks kwamen van heel ver. Helemaal uit Amsterdam en Brabant, haha.”
Buitenlandse ervaring
“Na FC Groningen ben ik naar Basel gegaan. Een makelaar uit België belde mij met de vraag of ik interesse had in Basel. Het werd na Racing Jet Brussel mijn tweede buitenlandse ervaring. Het was leuk maar niet te vergelijken met FC Groningen. Bij de FC viel ik net als bij Den Bosch met de kont in de boter. We speelden heel leuk voetbal, haalden twee keer Europees voetbal. Dat vergeet je nooit weer.”
“Ik ben in 2000 teruggegaan naar Nederland. Ik heb een jaar het eerste elftal van Geldrop getraind toen Fred Rutten mij belde en vroeg of ik jeugdtrainer bij PSV wilde worden. Bij PSV train ik nu de C1, ’s middags de B1 en ’s avonds de D1. Ja, inderdaad heel gevarieerd, dat maakt het leuk. Veel voetballers die stoppen willen hoofdtrainer worden. Dat is jammer want zo zijn er maar weinig jeugdtrainers. Bij veel clubs is de jeugdopleiding dan ook een ondergeschoven kindje. Bij PSV zijn we gelukkig behoorlijk succesvol. Zo zijn er de laatste drie seizoenen zeven spelers doorgestroomd naar de eerste selectie. Van Ibrahim Affelay tot Stijn Wuytens. Jongens met wie ik ook gewerkt heb. Ja, het is erg leuk om te zien dat ze dan ook daadwerkelijk de stap naar het eerste elftal maken.”
maandag 22 februari 2010
Topscorer Tim Matavz: ‘Ik heb geleerd om agressiever te zijn’
Tim Matavz is met zijn goals niet meer weg te denken uit het elftal van Ron Jans. Hoe anders was dat aan het begin van het seizoen. In de openingswedstrijd tegen Ajax koos Jans voorin voor het duo Pedersen- Koç. Matavz moest het die middag doen met een invalbeurt. En dat ondanks het vertrek van Marcus Berg naar HSV, waardoor er een plek in de spits vrij was gekomen. “Natuurlijk zag ik het vertrek van Marcus als een kans,” reageert Matavz. “Na de wedstrijd tegen Ajax dacht ik echter alleen maar: ‘Blijf hard werken op de training. Daar moet ik de trainer zien te overtuigen en dan komt het goed.’ Dat is gelukt.”
Harder werken
Toch duurde het nog een tijdje voordat Matavz bij FC Groningen een vaste waarde werd in de spits. In de bekerwedstrijd tegen FC Utrecht in september liet hij zich even zien door als invaller twee keer te scoren. Maar pas tegen Heracles kwam hij echt los met opnieuw twee goals en dat weer als invaller. Sindsdien is de doelpuntenteller bij Matavz gaan lopen. “Ik heb geleerd om agressiever te zijn,” verklaart Matavz de positieve verandering die hij heeft ondergaan. “Daardoor ben ik een betere voetballer geworden. En ik heb geleerd om harder te werken, ook voor de ploeg. Want het gaat uiteindelijk om de resultaten van het team.” En die lijken inderdaad hand in hand te gaan met de doelpunten van de Sloveense spits. Want sinds Matavz is gaan scoren, zijn de prestaties van de FC ook een stuk beter geworden.
‘Hier gaat het voetbal een stuk sneller en ligt het niveau een stuk hoger’
“In mijn eerste twee seizoenen was ik nog ‘een jongen’,” gaat Matavz verder in zijn uitleg. “Ik begreep niet wat er gevraagd wordt om betaald voetballer te zijn. Nu begrijp ik dat wel. Het was in het begin ook moeilijk omdat de overstap van Slovenië naar Nederland groot is. Hier gaat het voetbal een stuk sneller en ligt het niveau een stuk hoger. Ik had tijd nodig om daar aan te wennen.” Maar het kwartje lijkt nu gevallen bij het 21-jarige spitsentalent. Het deed de leiding van FC Groningen zelfs besluiten om de optie in het contract van Matavz te lichten. Matavz blijft nu tot medio 2012 in Groningse dienst. “Ik ben daar hartstikke blij mee. Het bevalt me uitstekend hier bij FC Groningen, vind het leuk om hier te kunnen voetballen.”
Wedstrijd tot wedstrijd
Matavz heeft nu de status van topscorer van FC Groningen. “Het voelt erg goed om veel doelpunten te maken. En hoe meer ik scoor, hoe meer punten we kunnen halen. Daar gaat het toch om.” Matavz vergeet het teambelang niet. Maar hij kijkt toch ook wel naar zijn individuele prestatie? “Ik ben niet bezig met hoeveel doelpunten ik aan het eind van het seizoen heb gemaakt. Ik bekijk het van wedstrijd tot wedstrijd. En dan zie ik wel hoeveel ik uiteindelijk heb gescoord. Maar natuurlijk hoop ik veel doelpunten te maken, dat spreekt voor zich.”
WK
Waar kunnen de doelpunten van Matavz dit seizoen nog tot leiden? Wellicht zelfs een uitverkiezing voor het WK met Slovenië? “Ik richt me nu helemaal op FC Groningen,” zegt Matavz. “Maar als ik goed blijf spelen en ik blijf scoren, wie weet. Het is niet mijn keuze maar die van de bondscoach. Het zou geweldig zijn als hij me belt. Want het is voor iedere speler fantastisch om op het WK te mogen spelen. Slovenië is geen groot voetballand zoals Nederland. Zo vaak heeft Slovenië ook niet meegedaan aan een WK. Dus het zou mooi zijn om erbij te zijn.”
‘Ik ben erg trots op Slovenië’
Matavz kan zich het moment van kwalificatie van zijn thuisland nog goed herinneren. Het favoriete Rusland van Guus Hiddink werd op 18 november vorig jaar in Maribor met 1-0 verslagen en dat was voldoende om de 2-1 nederlaag uit de heenwedstrijd weg te poetsen.
“Die overwinning was geweldig,” glundert Matavz. “Ik ben erg trots op Slovenië. Vooral de tweede wedstrijd speelden we erg goed. We hadden zeker vaker dan één keer kunnen scoren.” De overwinning op Rusland was een enorme verrassing. Wellicht dat Slovenië opnieuw voor een surprise kan zorgen in Zuid-Afrika. “Je weet het nooit. We moeten gewoon keihard ons best doen en zien wat dat oplevert.”
Goran Lovre over Tim Matavz:
“Het is fantastisch om te zien dat ons grootste talent zichzelf is gaan manifesteren. Dat is niet alleen mooi voor hemzelf, maar ook voor het team. Hij kan van dezelfde waarde voor de club worden als Suarez en Berg. Tim is nog niet zover maar hij is wel op de goede weg. Ik heb daar heel veel vertrouwen in. De samenwerking tussen ons beide in het veld gaat steeds beter. In het begin was hij alleen maar bezig met de bal. Hij had tijd nodig om te begrijpen dat je ook hard moet werken voor de ploeg. Dat doet hij nu en je ziet dat hij daardoor ook meer zelfvertrouwen krijgt.”
Ron Jans over Tim Matavz:
“Ik ben zeer tevreden over Tim. Volgens mij begint hij steeds meer door te krijgen dat je er als topsporter veel voor moet doen. En dat je niet alleen maar kunt teren op je talent. Dat heeft te maken met trainen, met kracht, inhoud en duels aangaan. Maar ook met voeding en rust nemen op de juiste momenten. In het begin moesten we hem van alles aanreiken. Dat is nu niet meer nodig, Ja, nu komt zijn talent tot bloei.”
dinsdag 29 december 2009
Ron Jans: ‘Ik vind nog steeds dat we de kwaliteiten hebben om in het linkerrijtje te spelen’
Ron Jans hoopte na de teleurstellende competitiestart dat het herstel zich snel zou inzetten. Af en toe leek het ook die kant op te gaan. Maar het echte herstel diende zich nog niet aan. Zo staat FC Groningen halverwege de competitie op een positie waar Ron Jans zijn laatste seizoen bij de FC niet mee hoopt af te sluiten. Want dat was de afgelopen maanden misschien wel het grootste nieuws: het aangekondigde afscheid van Jans.
We hebben met Ron Jans afgesproken bij Café De Drentsche AA, inderdaad liggend aan de Drentse Aa, op loopafstand van zijn huis in Schipborg. Het is niet voor niets dat we elkaar hier treffen. Want sinds Jans in november bekend maakte dat dit zijn laatste seizoen is bij FC Groningen, is dit misschien wel dé plek om daar even bij stil te staan. “We wonen hier al twintig jaar,” vertelt Jans. “Het is een dorp waar iedereen elkaar kent. Al is het wel zo dat ik veel minder sociale contacten heb sinds ik trainer ben van FC Groningen. Maar dit is wel mijn omgeving, al zal ik hier waarschijnlijk dus niet blijven wonen.”
Op tafel gooien
We staan op de brug boven de Drentse Aa als Jans vertelt over het moment dat hij besloot dat dit zijn laatste jaar is bij de FC. “Het was in oktober, op een maandag. De jongens waren allen thuis en toen besloot ik het op tafel te gooien. Ik vroeg iedereen wat ze ervan zouden vinden als ik zou stoppen. Toen was het voor mij duidelijk en heb ik de knoop doorgehakt.” Daarna was het wachten op de besprekingen met Hans Nijland en Henk Veldmate. “Ik moest het nog een tijdje voor me houden. Dat was best lastig want het liefst gooi ik het er meteen uit. Ik vond het wel leuk dat volgens mij niemand iets heeft gemerkt.”
‘Als mens heb ik mij ontwikkeld en wil ik mij verder ontwikkelen’
“Vlak voor het gesprek met Nijland en Veldmate vroeg ik me wel af: ‘zou ik nog gaan twijfelen?’ Maar het gevoel bleef hetzelfde. Ja, natuurlijk doet het me wel wat. FC Groningen is echt mijn club. Nog meer dan FC Zwolle waar ik toch ben begonnen met voetballen. Maar als mens heb ik mij ontwikkeld en wil ik mij verder ontwikkelen. Dus verstandelijk gezien is dit een beslissing die mij toont zoals ik in het leven sta: ‘gooi jezelf maar weer in het diepe en redt je maar.’ Soms gaat dat ook wel eens mis maar dat is niet erg. Gelukkig ben ik in de omstandigheid dat ik die keuze kan maken.”
Mooiste scenario
Onder het bewind van Jans wist FC Groningen in 2006 en 2007 Europees voetbal te halen. Dat lijkt halverwege dit seizoen ver weg. Toch ziet Jans nog genoeg mogelijkheden voor een mooi afscheid. “Dat is natuurlijk het mooiste scenario: dat we slecht zijn begonnen en het seizoen mooi eindigen. Mensen onthouden toch altijd meer van de tweede dan van de eerste helft. Wat dat betreft is er nog veel ruimte voor ons.”
Maar dan zullen de prestaties wel moeten verbeteren. Want niemand had vooraf verwacht dat FC Groningen na zeventien duels met zeventien punten op een twaalfde plaats zou staan. “Ik vind nog steeds dat we de kwaliteiten hebben om in het linkerrijtje te spelen,” vindt Jans. “Er zijn momenten in wedstrijden geweest dat het er heel aardig uitzag. Dat heeft echter nog te weinig opgeleverd. We kregen wel een paar keer het gevoel dat het herstel zich had ingezet, maar uiteindelijk zette zich dat niet door.”

‘We hebben een paar jongens nodig die de boel op sleeptouw kunnen nemen als het wat tegenzit’
Jans probeert te verklaren waar dat aan ligt. “Bij tegenslag zijn we nog niet sterk genoeg gebleken. We hebben een paar jongens nodig die de boel op sleeptouw kunnen nemen als het wat tegenzit. En daarin zijn we tekort geschoten. En door blessures en schorsingen werden we soms gedwongen om weer naar nieuwe dingen te zoeken. Maar dat heeft ook z’n bekoringen. Want hoe erg en vervelend de zware knieblessure van Sepp De Roover ook is, Tom Hiariej heeft daardoor wel weer een kans gekregen. Want we vonden al dat Tom te weinig speelde om door te kunnen ontwikkelen. En zo zijn we ook blij met de ontwikkeling van Leandro Bacuna.”
Tegenslag
Jans noemde al de blessures die zijn selectie regelmatig teisteren. Maar daar wil hij zich niet achter verschuilen. “We moeten niet over onszelf afroepen dat we alleen maar pech hebben. Nee, ik zoek liever naar oplossingen. Kijk, vorig seizoen wonnen we veel uitwedstrijden met 1-0. Soms gelukkig en niet altijd met goed voetbal, maar we hielden wel de nul. Nu maken we vaak ergens een fout of meerdere fouten en lopen we achter de resultaten aan. Bij tegenslag weten we niet altijd het juiste antwoord te vinden en verliezen we de wedstrijd.”
Jans noemt een aantal wedstrijden waarin FC Groningen wel degelijk goed voetbal liet zien, maar waar het resultaat uiteindelijk teleurstellend was. “We begonnen heel goed tegen Willem II, tegen ADO waren we de eerste helft beter en ook tegen Feijenoord speelden we een heel goede eerste helft. Maar na een tegendoelpunt vallen we ineens ver terug. Dat is iets wat moet verbeteren. Zo’n tegengoal brengt een soort van schokeffect teweeg waardoor we ineens minder kort gaan dekken of met minder overtuiging de duels ingaan. Maar vooral in balbezit durven we minder te voetballen. En juist in zo’n fase vallen doelpunten en worden wedstrijden beslist.”’

‘We hebben nog genoeg te winnen dit seizoen’
“Natuurlijk werken we eraan. Maar dat is lastig om op te trainen want het is iets mentaals. Dat soort dingen zijn moeilijk na te bootsen op de training. Waar ik me aan vasthoud is dat in de voetballerij in één moment alles anders kan zijn. We hebben wat dat betreft nog genoeg te winnen dit seizoen. Wat ik leuk vind is dat we tegen Feijenoord in de eerste helft domineren, vooruit voetballen en druk zetten op de bal. Zo willen we graag voetballen. Maar dan wel 90 minuten en niet 45.”
Een geweldige tijd
Jans is nog altijd positief over het mooi afsluiten van zijn laatste seizoen bij FC Groningen. “Als we alsnog de playoffs halen, dan zijn de meeste mensen hartstikke tevreden.” Is Jans al bezig met de periode na FC Groningen? “Dat is nog ongewis en hartstikke spannend. Ik denk wel eens: ’waar kom ik terecht?’ Ik moet zeggen dat me dat een lekker gevoel geeft. En dat is een steun in de rug want de resultaten geven mij nog geen lekker gevoel. Gelukkig geeft iedereen binnen en rond de club -de spelers, het personeel, het publiek, de pers- mij nog wel steeds een goed gevoel. Alleen daarom hoop ik dat het alsnog een mooi seizoen wordt. En zo niet, dan blijft FC Groningen voor mij een geweldige tijd. Dat kan echt niet meer kapot.”


