Posts tonen met het label basketbal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label basketbal. Alle posts tonen

zaterdag 19 december 2009

Matt Bauscher, basketballer van GasTerra Flames: ‘Voor ons juicht niemand als wij een schot missen’

Zoals veel spelers van FC Groningen regelmatig wedstrijden van GasTerra Flames bezoeken, zo zitten er ook vaak basketballers van de Flames op de tribune van Euroborg. Spelverdeler Matt Bauscher zag tegen FC Utrecht voor het eerst van zijn leven een voetbalwedstrijd en was meteen verkocht. Reden voor het FC Groningen Journaal om de Amerikaan in Groningse dienst uit te nodigen voor de thuiswedstrijd tegen NEC.

Het is half twee, een uur voor het begin van de wedstrijd, als een Volkswagen met het logo van GasTerra Flames naast het stadion parkeert. De auto oogt niet groot maar weet wel drie Amerikaanse basketballers te herbergen. Matt Bauscher is de eerste die uitstapt. “Ik heb twee teamgenoten meegenomen: Matt en Matt,” roept hij lachend. Worden we meteen in de maling genomen? Nee, want Matt 2 is Matthew Otten, net als Bauscher spelverdeler. En de derde Matt is de pas aangetrokken Matt Haryazs. Aan hem is met zijn 2.10 meter duidelijk te zien dat we hier niet met voetballers te maken hebben.

Martiniplaza

Bauscher heeft zin in de wedstrijd die komen gaat. Het duel tussen FC Groningen en FC Utrecht maakte eerder zo’n indruk dat het voetbalspelletje er direct een nieuwe liefhebber bij kreeg. “Voordat ik naar Nederland kwam, wist ik niet veel van de sport,” vertelt Bauscher. Maar als je in Europa woont, dan ga je het vanzelf leuk te vinden.” Dat overkwam Bauscher dus tijdens de wedstrijd tegen Utrecht. “Het was geweldig. Alleen de uitslag, 0-0, was jammer. We hoopten op een doelpunt maar die kregen we helaas niet te zien. De fans zijn super. Het is mooi om daar tussen te zitten. Ze zorgen voor een fantastische sfeer. Het lijkt wel wat op onze wedstrijden in Martiniplaza, maar dan in de buitenlucht.”

‘Als FC Groningen maar gaat winnen, dan zijn wij gelukkig’

Bauscher en zijn twee ‘teammates’ zien op het plein voor de hoofdingang van Euroborg plotseling een kraam waar hot-dogs te krijgen zijn en kunnen het als rasechte Amerikanen natuurlijk niet laten om er één te bstellen. De mensen die bij de kraam staan kijken wat verbaast en vragen zich af wie deze drie Engels sprekende lange mannen zijn. Bauscher is dus nog niet zo bekend in Groningen. Maar dat maakt hem niet uit. Hij is hier vanmiddag alleen maar om naar voetballen te kijken. “We gaan winnen,” klinkt het al als een echte FC fan. “Dat is het belangrijkste. Als FC Groningen maar gaat winnen, dan zijn wij gelukkig.”

De hot-dogs ondertussen naar binnen werkend, vertelt Bauscher over de verbazing dat zich de vorige wedstrijd een paar keer meester van hem maakte. “De score gaat heel anders. In basketbal gaat de score op en neer, kan het verschil groot maar ook zo weer klein zijn. Maar als je met voetbal drie of vier doelpunten voorstaat, dan heb je de wedstrijd ‘pretty much in the bag.’ En met de klok tellen wij naar beneden, met voetbal gaat de tijd juist de andere kant op. Daar moet ik wel aan wennen.”

Gekkenhuis

Bauscher, Otten en Haryazs zijn vanaf het begin geboeid door het spel dat FC Groningen en NEC op de mat leggen. Overduidelijk is dat de heren partij hebben gekozen voor hun Groninger sportcollega’s. “Ik weet niet veel van voetbal maar ik denk wel dat ‘wij’ de betere ploeg zijn,” zegt Haryazs over de spelverhoudingen. Hij geniet. “De fans uit Groningen zijn heel bijzonder. Ze helpen het team echt vooruit.” Het is dan ook FC Groningen dat via Tim Matavz snel op voorsprong komt. Vooal Bauscher is blij want hij ziet voor het eerst ‘live’ een doelpunt. “Geweldig,” roept hij enthousiast. “Wat een gekkenhuis.”

‘Opvallend is vooral dat iedereen juicht als er een kans wordt gemist’

Bauscher is net als Haryazs onder de indruk van het publiek. “We schreeuwen de longen uit ons lijf. We proberen FC Groningen te steunen maar we hebben geen idee wat de fans roepen. Het lijkt een beetje op ‘go home’ maar we begrijpen er niet veel van. Haha, ik kan ook niet hard fluiten, daar moet ik nog hard aan werken.” Otten zit voor de derde keer dit seizoen in Euroborg maar ook hij verbaast zich nog steeds over de voetbalfans. “Het is mooi om te zien hoe de mensen hier tekeer gaan bij elke actie. Ik heb zoiets nog nooit eerder gezien.” Bauscher: “Opvallend is vooral dat iedereen juicht als er een kans wordt gemist. Voor ons juicht niemand als wij een schot missen.”

Wennen

De basketballers blijken naarmate de wedstrijd vordert steeds meer kijk op het spelletje te kijken. Als Tom Hiariej een gele kaart krijgt is de reactie van Bauscher overduidelijk. “Man, die Nederlandse scheidsrechters!” En ook de gemakkelijk vallende Lorenzo Davids van NEC krijgt een sneer van de Amerikaan. “Hij acteert alleen maar. Hij irriteert me mateloos.” Uiteindelijk eindigt het duel in een gelijkspel, net als tegen FC Utrecht. Maar met het verschil dat er dit keer wel is gescoord. “Ik ben nog nooit naar een wedstrijd geweest die eindigde in een gelijkspel. Dat is nog steeds wennen. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat je met een gelijkspel tevreden kunt zijn.”

Bauscher meets Hiariej en Luciano
Na afloop van FC Groningen-NEC nemen we Matt Bauscher mee naar de spelerstunnel om kennis te maken met een aantal spelers van de FC. De eerste die we tegen het lijf lopen is Tom Hiariej. “Ik weet dat Tom een verdedige
r is die aan de rechterkant speelt,” reageert Bauscher als hij wordt voorgesteld aan Hairiej. “Ja, ik begin jullie een beetje te leren kennen. Je speelde goed tegen NEC. Ik vond het in elk geval heel boeiend.” Hiariej kent op zijn beurt Bauscher misschien nog wel beter want Hiariej zit bijna elke thuiswedstrijd van de Flames achter één van de baskets. “Matt is een goede speler. Volgens mij is zijn driepunter zijn grote kwaliteit. Wat zo leuk is aan basketbal? Er is altijd actie. Voetbal heeft rustmomenten maar bij basketbal gebeurt altijd wel wat.”
Even later komt Luciano voorbij lopen. “Hij kan enorm hoog springen,” weet Bauscher. Luciano lacht. “Ik ben heel licht dus daarom kom ik gemakkelijk van de grond. En ik ben best klein dus daarom moet ik het wel van mijn sprongkracht hebben.” Luciano vraag aan Bauscher hoe het hem bevalt in Groningen. “Uitstekend,” antwoord hij. “Groningen is een enorm leuke stad. Jij komt toch uit Brazilië? In Brazilië hebben ze hele mooie vrouwen, echt ‘amazing’.” “Ben je single?,” vraagt Luciano op zijn beurt. “Dan help ik je zo aan een vriendin, haha.” Heeft Luciano trouwens iets met basketbal? “Ik vind basketbal erg leuk. Het is een heel technische sport en er wordt gevochten om elk punt. De volgende thuiswedstrijd zit ik ook zeker weer in Martiniplaza.”

Met dank aan www.henkeggens.nl voor de foto's :)

donderdag 15 oktober 2009

Ton Boot: eigenzinnig maar prima om mee samen te werken

n de nieuwe uitgave van NLCoach staat een artikel over Ton Boot, de man die als basketbalcoach veertien keer kampioen van Nederland werd. Geen coach die hem dat kan nazeggen. Hij zit nu anderhalf jaar officieel zonder werk maar is druk genoeg met allerlei fora en seminars. Hij vindt het prima zo. Boot is, zoals hij zelf zegt, de enige onafhankelijke coach van Nederland. Hij gaat altijd zijn eigen weg, trekt zich van niemand wat aan. Hij kan keihard zijn voor zijn ploegen. Een half metertje smokkelen tijdens de warming-up? Dan speel je niet. En de intrinsieke motivatie moet altijd aanwezig zijn bij een speler. Anders heeft die speler niet nodig. Van bestuurders heeft hij geen hoge pet op. Die zijn in zijn ogen in principe fout totdat ze het tegendeel hebben bewezen.

Ik weet nog heel goed het moment dat ik Ton Boot voor het eerst interviewde. De kampioenenmaker was in de zomer van 2003 aangesteld als coach van de club met de geweldige naam Hanzevast Capitals (in de volksmond vooral bekend als Donar en bij die naam hou ik het ook). Ik wist dat hij iemand is die zegt wat hij denkt. Ook dat hij de discussie niet schroomt. En aangezien ik nog niet zo ervaren was als interviewer, vond ik het best spannend. Het was na afloop van een oefentoernooi in Almelo. Donar had niet geweldig gespeeld, maar de ploeg was nog maar in de voorbereiding. Ik vroeg Ton Boot hoe die voorbereiding verliep. ‘Dramatisch’ was zijn antwoord. ‘Ze kunnen er niets van. Ik moet ze alles wat ze geleerd hebben weer afleren.’ Ik stond helemaal perplex. Toen dacht ik: ‘Laat ik hier maar op doorgaan.’ Boot liep helemaal leeg en ik had fantastische quotes. Hij brandde zijn nieuwe ploeg volledig af. Maar aan het eind van het seizoen was hij wel kampioen.

Geen vertrouwen
Datzelfde seizoen had de sterspeler van de ploeg, Travis Young, een knieblessure. Ik was gevraagd om te achterhalen hoe ernstig de blessure was. De clubarts meldde mij dat ik Ton Boot maar moest vragen en dat het allemaal wel meeviel. Dus ik Boot bellen. ‘Ik heb er niet zoveel over te zeggen,’ was zijn eerste reactie. Ook hij maakte de indruk dat er weinig aan de hand was. Na enig aandringen wilde hij dat ook wel voor de radio zeggen. Dus ik hem even later weer bellen vanuit de studio. Terwijl de band liep vroeg ik hem hoe het verging met Travis Young. ‘Helemaal niet goed. Ik denk niet meer dat hij speelt dit seizoen. Ik heb er helemaal geen vertrouwen in.’ Ik lag helemaal in een deuk. Dit is dus Ton Boot; weer had ik een geweldige quote.

Stoïcijns
In de vier jaar dat Boot trainer was in Groningen, deed hij maar één keer moeilijk over een interview; hij had er even geen zin in. Ok, hij heeft me wel eens lang laten wachten. Maar dat doen wel meer coaches. En andersom heb ik hem ook een paar keer laten staan. Kwam hij na de wedstrijd meteen naar me toe maar had ik geen interview met hem nodig. Het enige wat hij deed, was mij een beetje vreemd aankijken. Maar hij vond het prima Ik heb dan ook goed met Boot samen kunnen werken. Je weet wat je aan hem hebt ondanks dat ik ook wel eens dacht: ‘hmmm, vreemd’. Zo was in zijn laatste seizoen bij Donar de aanvoerder een keer licht geblesseerd. Hij deed wel mee aan de warming-up maar bleef in de eerste helft op de bank zitten. Na de pauze zat de aanvoerder plots in zijn normale kleding op de bank. Ik vroeg aan Boot waarom dat was. ‘Geen idee,’ zei hij stoïcijns. ‘Dat moet je aan de clubarts vragen.’ Overlegd hij zoiets dan niet? Nee, dat vond hij niet nodig.

Bezorgd
Vorig jaar kwam ik Boot na anderhalf jaar weer tegen. Het was in Alkmaar waar hij te gast was bij de EK baanwielrennen. Hij lachte meteen toen hij mij zag. En even later kwam hij naar me toe om me te vragen hoe het met me ging. En wat ik allemaal deed. ‘Kun je er wel van rondkomen?’ vroeg hij enigszins bezorgd. Ik vond het wel grappig. En ik was ook wel een beetje trots. Boot die voor sommigen ondoorgrondelijk is, is gewoon persoonlijk. En ik was in zijn ogen geen koekenbakker. Ok, hij heeft zijn eigenaardigheden. Zo is er dit jaar een boek over hem uitgekomen. Een schrijver heeft hem een jaar gevolgd. Maar Boot hoeft het boek niet te lezen. ‘Ik weet alles al van mezelf. En anders klopt het toch niet.’ Zo is Ton Boot. Soms onbegrijpelijk. Maar het zal hem allemaal een zorg zijn.